Als er iets binnen het sportvissen is wat ik mooi vind is het wel het actief werpend vissen met kunstaas in combinatie met een lichte spinhengel. Betreft het stromend water en een ruige omgeving in de vorm van stenen blokken, golven die tegen dammen, kribben of zandbanken aan beuken, dan ben ik helemaal op mijn plek. Roofvissen zijn sterk op dit soort type wateren juist door die hardere stroming en pakken daarom genadeloos hard je kunstaas. Verder gaat het vissen gepaard met veel loop- en smijtwerk waarbij je aan het einde van de dag geen armen en voeten meer over hebt, maar je voelt je doorgaans wel erg voldaan. Al snel kom je dan uit op het vissen op zeebaars en zeeforel op de diverse zeemondingen, maar ook op de Nederlandse rivieren valt er prima te vissen op snoek(baars) en wat te denken van roofblei.

 1s.jpg

Roofblei vissen op de Nederlandse rivieren is een schitterende sport

Het leuke van deze stijl van vissen is ook dat je maar weinig spullen mee hoeft te nemen en dat je je verplaatst over grote afstanden en hierdoor vind je uiteindelijk altijd wel de vis. Een hele actieve en effectieve manier van vissen dus. Met “effectief rivieren ”doel ik dus zowel op zout als zoet water en op beide type wateren gebruik ik veelal hetzelfde kunstaas en dit beperkt zich tot een paar soorten shads, lepeltjes, plugjes en een enkele spinner, maar meer ook niet. Voor de rest neem je wat klein materiaal mee, je vispas (indien nodig), onthaakmateriaal en twee rolletjes fluorcarbon in verschillende diktes. De diktes kies ik op voorhand uit afhankelijk van de stekkeuze. Uiteraard gebruik je bij het zeebaarsvissen 40/00 of zelfs 50/00 voorslag en op het binnenwater voldoet 25/00 t/m 31/00. Begrijp dat fluorocarbon puur ingezet wordt i.v.m. de slijtvastigheid en dat een vastloper ook breekt op 60/00. Om het niet te moeilijker te maken dan het is kiezen wij gewoon voor een ronde loodkop. Deze blijven in beiden gevallen vrijwel gelijk en het gewicht hiervan schommelt meestal tussen de 10 en 21 gram, waarbij 10 en 14 gram het meeste worden ingezet. Besef dat bij veel zwaarder vissen ook het plezier van de dril minder zal worden omdat men zwaarder materiaal moet gaan gebruiken en indien het te hard stroomt moeilijk zal zijn om een shad succesvol aan te bieden. Het gevolg is veelal alleen maar meer vastlopers. Lepeltjes en werppilkertjes zijn bij (te) harde stroming beter in te zetten en deze wegen doorgaans 5 t/m 18 gram (afhankelijk van wind en stroming). Pluggen moeten geschikt zijn voor hard stromend water. Deze mogen immers niet gaan tollen door de waterdruk en dus kun je alleen specifieke plugjes inzetten. Favorieten zijn de verschillende Yo-Zuri pluggen zoals de Aile magnet en 3D minnow, maar ook de Tiemco Hot Pepper en de Squadminnow van Illex werken geweldig goed. Deze plugjes hebben een lengte van slechts 7-9 cm en lopen circa 1,5 meter. Ga ik gerichter op grotere zeebaars vissen, wat meestal het beste resultaat geeft in september, oktober en soms ook nog november, dan kies ik graag voor pluggen in een lengte van minimaal 12 cm of groter. Pluggen die ik dan graag gebruik zijn dan o.a. de Duel Lipless Minnow, de Daiwa SP Minnow en de verschillende pluggen van Megabass zoals de Zonk. Vooral de langere slanke modellen die in veel gevallen strak langs de kant kan worden gevist zijn favoriet. Daarnaast beschikken dit soort pluggen over een aardig werpgewicht waardoor ze lekker ver weg te werpen zijn. Qua kleur zou ik het zeker niet te moeilijk doen. Pluggen in een goud(bruine) en/of parelmoerige kleur voor overdag en paars/roze voor de ochtend/avond doen het veelal erg goed . Met name de kleur M.O.P. (Mother of Pearl) en Cotton Candy zijn ware toppers voor zowel bij het vissen op de dag als avond/nacht.

Zomervakantie, een periode van rust is aangebroken, tijd om met het gezin op pad te gaan. De laatste jaren bezoeken we veelal vakantieparken in Nederland en om de één of andere reden :-) is er altijd wel een watertje in de buurt. De geringe spullen die in de bagage zijn weggemoffeld bieden de mogelijkheid om hier en daar een korte sessie te houden. Dit jaar stond Limburg op het programma, met een vakantiepark dat volgens de berichten zou bulken van de karper. Met dit in het achterhoofd werden een lichte karperstok, wat blikjes mais en wat kleinmateriaal ingepakt, als back-up; de grensmaas ligt toch wel erg dichtbij het park, neem ik een rivierhengel, wat plugjes en een doosje lepeltjes mee.

Op het park aangekomen, bleek de hengeldruk voor wat betreft de karper wel heel erg hoog, bij de vele meertjes lagen rodpods vol met hengels werkelijk alle kanten uit, er was geen doorkomen aan met een pennetje. Hier en daar heb ik nog enkele keren geprobeerd een karper aan de schubben te komen, maar het bleef bij enkele aanbeten. Overigens barste het er ook van de waterfietsen die er een sport van maakten om door je lijn of over je voerplekken te varen, tijd dus voor plan B > ROOFVISSEN!

Tijdens een uitstapje naar Roermond raakte ik in gesprek met een marktkoopman, toen hij liet vallen dat één van zijn grote passies vissen was hadden we natuurlijk meteen genoeg gespreksstof. Hij vertelde mij dat hij vlak over de grens in Belgie woonde en regelmatig in de Grensmaas vist, op mijn beurt vertelde ik hem dat het mij te doen was om roofvis en dat ik hiervoor wat spullen had meegebracht. De laatste tijd heb ik een paar leuke roofbleitjes gevangen, echt een fantastische vis om op een lichte spinstok te vangen. Hij gaf mij wat tips mee en zo stond ik op de eerstvolgende druilerige dag met mijn rivierhengel aan de Grensmaas. In tegenstelling tot de Waal met zijn kribvakken is de (Grens)Maas een rivier die al kronkelend door het landschap stroomt, veelal met niet al te veel stroming. Wie roofblei wil vangen zal dus de punten op moeten zoeken waar de stroming er flink in komt, bij versmallingen en obstakels dus.

 1s.JPG

Foto genomen vanaf de Nederlandse kant van de rivier, de overkant is Belgie. Rustig stromend op dit stuk, dus op zoek naar wat reuring en de roofblei.

De laatste tijd hebben we een periode meegemaakt van back to basic en dat heeft ons geen windeieren gelegd zal ik maar zeggen, want met een beperkte doos aasjes werden mooie vangsten geboekt. Mede omdat er nu meer gevist werd in plaats van staren in de berg kunstaas, twijfelen uiteindelijk de keuze maken en kunstaas wisselen waarna je na 3 worpen gaat denken “had ik misschien toch die andere moeten nemen”?. Het is en blijft een feit dat elke minuut dat er geen aasje in het water zwemt je niets zal vangen en doordat je meer met hetzelfde aasje vist ga je het ook beter leren kennen. Dit begon al in de verticalentijd waar de bakken vol zacht plastic werden uitgedund naar 2 dozen met 3 of 4 merken, soorten en maten.

1.png

We visten in die periode ook veel op zeebaars en roofblei en daar was ons spinmateriaal ook op aangeschaft, dachten we. Hier begon ik dus met een 80 grammer met een 5000 molen wat op diverse sites al als licht beschreven werd omdat er in de volle stroom gevist wordt en dat je nogal stenige oevers hebt . Nou zijn we dus teruggegaan van 80 naar 50 grams naar 25 grams hengels met 4000 en 3000 molens en hebben daar verschrikkelijk veel plezier aan beleefd daar de dril gewoon vele malen leuker is met die 25 grammers en je echt niets minder verspeeld. Dikke roofbleien vol in de stroom en mooie zeebaars in een kolkende watermassa gaven een dril van jewelste en werden gewoon geland, stenen oevers of niet. Gooiend met kleine aasjes en veranderend van technieken hebben we zo veel geleerd. De one bait challenge is zo gek nog niet.

Soms heb je van die dipjes dat niets echt werkt. De laatste paar sessies aan zee waren magertjes te noemen en dus besluiten we een dagje richting rivier te gaan. Dennis en ik hebben afgesproken op zondag 31 juli rond 07:00 uur alwaar wij beginnen met het gereed maken van de spullen en onder het genot van een kopje koffie op gang komen. Na 15 minuutjes steken wij de uiterwaarden over en beginnen op de eerste krib, maar daar blijkt al snel dat het water nog altijd erg hoog staat en deze verlaagde kribben zijn dus maar tot de helft bereikbaar.

1s.jpg

De huidige verlaagde kribben zijn met hoogwater moeilijk begaanbaar